Interieurarchitectuur

Studie

ArtEZ leidt masterstudenten in twee jaar op tot interieurarchitecten die zijn toegerust voor complexe opdrachten en samenwerkingsverbanden. De opleiding is gestoeld op drie domeinen waarbinnen je werkt: Bodily, Social, Reflective.

Master Interieurarchitectuur (IN__architecture): drie domeinen

  • Reflective: theoretisch onderzoek. Het schrijven van een thesis aan de hand van een door jou zelf geformuleerde onderzoeksvraag, waarbij je door theoriedocenten en experts wordt begeleid. Daarnaast zijn er theorielessen waarin een relatie wordt gelegd tussen recente ontwikkelingen in de interieurarchitectuur en historische ontwikkelingen, zowel binnen als buiten de discipline. Zoals film, omgevingspsychologie en beeldende kunst. De masterkring is een werkvorm waarbij jij en je medestudenten als experts worden beschouwd. De docenten fungeren vooral als coach.
  • Bodily: studio’s. Binnen de studio’s werk je individueel aan diverse ontwerpopgaven. Daarbij gaat ook aandacht naar onderzoek, kennis en vaardigheden.
  • Social: In de case-study werk je in teamverband aan een ontwerpend onderzoek vanuit een concrete vraag van een externe opdrachtgever.
    Thesis

Thesis

Als interieurarchitect ben je in staat om vanuit een historisch perspectief actuele thema’s te agenderen en te onderzoeken. Daarom heeft het theoretisch, individueel onderzoek een belangrijke plek in het onderwijsprogramma. Je formuleert een een onderzoeksvraag en na een periode van gedegen literatuuronderzoek schrijf je een thesis. In de loop van het programma pak je het thema van de zelf geformuleerde onderzoeksvraag ook op in een empirisch, experimenteel, artistiek onderzoek. 

Case-study

In de case-study werk je in een ontwerpteam met medestudenten aan een ontwerpend onderzoek. Thema’s zijn het emotioneel programma van eisen bij grote gebruikersgroepen, de toekomst van ruimtes voor dagbesteding. Of de toekomst van de leer- en werkomgeving voor leerlingen en docenten in het basisonderwijs. Opdrachtgevers worden gevraagd actuele onderzoeksvragen in te brengen. Recent waren dat de Scholenbouwmeester, ’s Heerenloo en de Nederlandse Spoorwegen. Bij het onderzoek in de case-study’s worden ook deskundigen vanuit andere disciplines betrokken. Omgevingspsychologen, sociaal demografen, cultuur- of architectuurhistorici en organisatiedeskundigen denken mee in het onderzoek. De uitkomsten van deze trajecten worden in een symposium aan het werkveld gepresenteerd en gepubliceerd.

Masterkring

In de masterkringbijeenkomsten wordt gesproken over je individueel studieplan, komen de individuele onderzoekstrajecten ter sprake en praten we over praktische zaken rondom de studie. Het is ook de plek waar de uitwisseling tussen tweede- en eerstejaars studenten plaatsvindt. Bijvoorbeeld wanneer het gaat over ervaringen met de opdrachtgever in de case-study. De masterkring wordt wisselend door studenten voorgezeten en genotuleerd. Daarmee oefen je je ook in het leiding geven aan bijvoorbeeld bouwvergaderingen of tussentijdse bijeenkomsten met een opdrachtgever.