Hoe zet je rauwe emoties om in kunst? En leidt dat tot catharsis? Yaqien Bouhbaka (25) onderzocht het in zijn scriptie én in de autobiografische afstudeervoorstelling die hij maakte voor de Toneelschool in Arnhem. Hij deelt zijn ervaringen.

Fotografie: Bart Grietens
Yaqien groeide op bij zijn moeder, in het Belgische Turnhout. Zijn vader was in zijn leven de grote afwezige. Toch was Yaqien vaak met hem bezig. Eerst vooral in gedachten, later ook in de teksten die hij schreef, zo vertelt hij.
Op een gegeven moment besloot Yaqien zijn vader te interviewen, om antwoord te krijgen op vragen die hij had. Kort daarop bleek dat zijn vader ziek was en niet lang meer te leven had. Dat riep allerlei nieuwe vragen bij hem op: “Moest ik nu alles uit het verleden vergeten? Alsnog een band opbouwen? Zou ik verdriet hebben als mijn vader er straks niet meer was?”
Yaqien besloot in deze heftige tijd dat zijn afstudeerwerk moest gaan over de aankomende dood van zijn vader. “Ik schreef een autobiografisch stuk en maakte daar, met hulp van theatermaker Willem de Wolf, een voorstelling van 1,5 uur van.” Dat werd: IHE NDỊ M CHỌRỌ ỊKWA NNA M / De dingen die ik mijn vader wilde zeggen. Aan de hand van onder meer kinderbrieven laat Yaqien in deze voorstelling zien hoe hij steeds opnieuw probeert contact te zoeken met zijn vader.
Met zijn voorstelling wilde Yaqien persoonlijke pijn ‘presentabel maken’, er een theatrale vertaling van maken. “Daarbij vond ik het belangrijk om thema van ‘de afwezige vader’ met een zekere lichtheid en humor te benaderen.”
“Persoonlijke werken bleken tegelijkertijd echter universele zeggingskracht te hebben, zo merkte ik aan de reacties van het publiek. Dat was heel mooi om te ervaren.”
Yaqien vertelt dat hij gaandeweg zijn opleiding ging ervaren dat zijn eigen ervaringen vaak aan de basis liggen van zijn werk. Hij geeft nog een voorbeeld. “In mijn derde jaar maakte ik een video-installatie, met acht werken. Iedere installatie belichtte een thema waar ik veel mee bezig was, zoals: onzekerheid over het lichaam, een existentiële crisis. Persoonlijke werken bleken tegelijkertijd echter universele zeggingskracht te hebben, zo merkte ik aan de reacties van het publiek. Dat was heel mooi om te ervaren.”

Fotografie: Bart Grietens
Voor zijn afstudeerscriptie onderzocht Yaqien hóé je persoonlijke emoties op een goede manier omzet in een kunstwerk. “Ik heb hiervoor een ‘stappenplan’ ontwikkeld”, vertelt hij. “De basis daarvoor waren mijn eigen ervaringen als maker. Maar ik heb bijvoorbeeld ook gekeken naar de totstandkoming van de rapmuziek van Kendrick Lamar.”
Verder verdiepte Yaqien zich in de vraag of het omzetten van pijn naar kunst kan leiden tot catharsis (emotionele zuivering). Zijn voorlopige conclusie? “Het kan zeker iets therapeutisch hebben voor de maker. Maar catharsis blijkt toch ook een continu proces; je bereikt het niet van het ene op het andere moment.”
Yaqiens afstudeervoorstelling werd goed ontvangen. Hij won er zelfs de speciale prijs van de jury mee, toen hij de voorstelling speelde tijdens het Festival International des Ecoles Supérieures d’Art Dramatique in het Marokkaanse Rabat. “Ik had nooit verwacht dat ik tijdens de Award-show mijn naam zou horen”, zegt hij, nog steeds lichtelijk verbaasd, “maar natuurlijk voelde het wel als een soort van erkenning.”
Yaqien kreeg de prijs, omdat hij “met zijn persoonlijke verhaal goed de brug weet te slaan tussen de verschillende culturen van Europa en Afrika. En laat zien hoe het is om ‘van twee verschillende werelden’ te zijn”, vertelt hij.
De prijswinnaar geeft aan dat hij op de Toneelschool de gereedschappen aangereikt kreeg die hem in staat stelden zijn voorstelling te maken. “We leerden allerlei technieken, soms op verrassende manieren. Zo kregen we bijvoorbeeld schermles. Hierdoor leerde ik me beter te verhouden tot mijn tegenspeler en ruimte innemen, wat op het podium van pas komt.”
Hij vervolgt: “Het allerbelangrijkste dat ik leerde was echter: communiceren, echt contact maken. Repeteren is samen zoeken: wat willen we zeggen, hoe willen we dit spelen? Je moet dus van je eiland afkomen. En duidelijk maken wat je denkt en voelt. Dat leerde ik trouwens ook tijdens mijn stage.”
In zijn vierde jaar was Yaqien als stagiair betrokken bij het toneelstuk Huis van Troje, geproduceerd door De Schuur en ITA. “Dat was een hele mooie ervaring, onder meer omdat ik met gerenommeerde actrices speelde en met hen kon sparren.”
Onlangs is Yaqien afgestudeerd. Hij kijkt met veel plezier terug op zijn opleiding. “Ik mocht me in een veilige omgeving, samen met gelijkgestemden, ontwikkelen in het vak waar ik superveel van houd. Hoe mooi is dat?” Zijn advies aan jongerejaars is dan ook: “Dompel je onder in alles wat de school biedt. En geniet ervan!”

Fotografie: Bart Grietens
Yaqien is ben benieuwd wat er nu op zijn pad komt. “De toekomst ligt nog open. Ik zou graag zelf nieuwe voorstellingen maken en spelen. Of meedoen in stukken van anderen. Ook oriënteer ik me op residentieplekken. Daarnaast benader ik festivals om te kijken of ik mijn afstudeervoorstelling vaker kan spelen. En ik ben een nieuw toneelstuk aan het schrijven.”
Heeft Yaqien nog tips voor studenten die bij de Toneelschool auditie willen doen? “Wees jezelf! En gebruik de auditie om te ontdekken of de opleiding echt bij jóú past. Zelf heb ik vaak audities gedaan. En zelfs nog een jaar op een Belgische toneelschool gezeten. Daar leerde ik vooral hoe ik een bepaalde rol moest spelen. Dat bleek niet goed bij mij te passen. De Arnhemse aanpak, met veel ruimte voor je eigen autonomie en creativiteit, wel. Dat voelde ik al tijdens de auditie.”