Klassieke muziek

Fluit

Specifieke toelatingseisen Fluit

Naast algemene toelatingseisen zijn er ook specifieke instrumentale toelatingseisen. Je bereidt minimaal één etude en één voordrachtsstuk voor, tenzij dit anders is aangegeven. De genoemde werken dienen als voorbeeld. Je kunt ook andere stukken kiezen met een vergelijkbare moeilijkheidsgraad.

Je speelvaardigheid wordt getoetst aan de hand van:

  • techniek: toonladder tot en met 7 kruisen en mollen, zowel mineur als majeur en de daarbij behorende drieklanken, lang en kort gebroken.
  • minimaal twee etudes met een verschillend karakter, bijvoorbeeld legato, staccato en een etude voor de ritmiek uit:
    - Th. Böhm - 24 Caprices opus 26
    - H. Genzmer - Neuzeitliche etúden
    - S. Karg Elert - Etudes opus 107 nrs. 1 t/m 10
  • voordrachtstukken, waarbij je duidelijk blijk geeft werken uit minimaal drie verschillende stijlperiodes te kunnen spelen:
    - J.S. Bach - Sonates
    - W.A. Mozart - Deel uit concert G gr.t. of D gr.t
    - A. Roussel - Joueurs de flüte opus 27
    - L. Andriessen - Sonate 1956

Hoofdvakdocenten

Gudrun  BourelGudrun  Bourel

Gudrun Bourel

website

Carola  LigtCarola  Ligt

Carola Ligt

website

Hans  NijmanHans  Nijman

Hans Nijman

Joao  Ramos MartaJoao  Ramos Marta

Joao Ramos Marta