Schrijven


Inhoud:

Competenties

Competenties

Tijdens je studie werk je aan de volgende competenties:
 

Creërend vermogen en visie
Na de studie:

  • heb je een eigen thematiek die naar woorden zoekt
  • ben je begonnen aan een oeuvre en toon je een aanzet tot een poëtica
  • kun je vanuit je poëtica keuzes maken
  • kun je experimenteren en onderzoeken en op basis daarvan keuzes maken
  • heb je een visie op je eigen literaire positie
  • heb je inzicht in diverse werkingsmogelijkheden van teksten
  • kun je verbindingen aangaan met andere disciplines.

Als afgestudeerde van Creative Writing kun je:

  • vanuit eigen mens – en maatschappijbeeld, interesse en stijlvoorkeuren een literaire tekst schrijven en de keuzen die zijn gemaakt in de tekst beargumenteren
  • ideeën en concepten omzetten in literair werk
  • kennis en visie aantonen op het gebied van:
    - de kunsthistorische en literair-historische ontwikkelingen
    - de literaire actualiteit van dit moment
    - de cultuurhistorische ontwikkelingen
    - de actualiteit van het maatschappelijk discours
    - ontwikkelingen in media, vormen en technieken.
  • aantonen in je werk theatraal, beeldend, zintuiglijk en literair te denken
  • eigen dynamiek en de urgentie van je schrijverschap in het werk zichtbaar maken
  • een fascinatie en innerlijke noodzaak en gedrevenheid tonen en demonstreren voor literatuur, schrijven, literaire presentatie.

Technisch vermogen
Na de studie:

  • kun je aantonen dat je vaardigheden bezit die het schrijven van literair werk mogelijk maakt
  • kun je aantonen dat je in staat bent informatie te begrijpen, integreren, toepassen en evalueren
  • kun je het literaire werk overtuigend aan publiek presenteren en daarvoor je persoonlijkheid inzetten
  • sta je in het hier en nu van de maatschappij
  • kun je je eigen dynamiek en de urgentie van je schrijverschap in het werk zichtbaar maken.

Schrijfvaardigheden
Na de studie:

  • kun je stijlmiddelen toepassen, zoals tempo, ritme, perspectief, verticaliteit (lineariteit) en beeldgebruik
  • kun je literaire middelen, zoals spanningopbouw, point of view en stijlfiguren, als een instrument toepassen om het door jou gewenste effect te bereiken
  • kun je consequent zijn in de toepassing van stijl en literaire middelen
  • kun je je literaire ideeën toepassen en presenteren in diverse vormen, media, dragers of technieken waarin of waarop literaire teksten en literair producten verschijnen
  • ga je flexibel om met de diverse uitingsvormen van literatuur
  • kun je je inleven in reële en fictieve derden.

Analytische vaardigheden
Na de studie:

  • kun je teksten analyseren
  • kun je literaire middelen analyseren
  • kun je kennis en inzicht toepassen (synthese)
  • laat je zien de hedendaagse literatuur te volgen.

Reflectief vermogen
Na de studie kun je:

  • professioneel kritiek ontvangen en deze gebruiken om jezelf verder te ontwikkelen
  • reflecteren op je eigen werk, de eigen sterke en zwakke kanten en op basis daarvan keuzes, gedrag en ontwikkeling beargumenteren
  • kritiek op je eigen en andermans werk formuleren en beargumenteren
  • literaire teksten analyseren
  • systematisch onderzoek doen
  • je laten inspireren door andere kunstdisciplines en verbanden leggen tussen de disciplines
  • in je werk laten zien dat je je bewust bent van je eigen sterke en minder sterk ontwikkelde talenten en mogelijkheden in relatie met literatuur en andere disciplines.

Professioneel vermogen
Na de studie kun je:

  • op inspirerende wijze communiceren met redacteuren, publiek, collega’s, opdrachtgevers en anderen over je artistieke ideeën en literaire producten
  • je eigen voorkeur en mogelijkheden verwoorden als auteur in relatie tot de vereisten van de literaire praktijk in al zijn diversiteit
  • het vakmanschap overdragen aan derden
  • productief samenwerken en een actieve bijdrage leveren in het ontwikkelen van programma’s, in een (interdisciplinair) team om tot een artistiek eindproduct te komen
  • een attitude ontwikkelen die het schrijverschap stimuleert en dat maatschappelijk vormgeven
  • een netwerk opbouwen van mogelijke werkgevers, subsidiënten of sponsors, beleidsmedewerkers, bemiddelaars, uitgevers, redacteuren etc.
  • je beroepspraktijk adequaat managen:
    - gedisciplineerd omgaan met opdrachten, projecten en eigen ideeën
    - zakelijk voor jezelf opkomen
    - communiceren over producten, werkvormen en inzetbaarheid.
  • met zakelijk inzicht werken
  • jezelf als zelfstandig beroepsuitoefenaar manifesteren
  • jezelf laten inspireren door zeer diverse bronnen, waaronder zowel (multi)culturele bronnen, als de alledaagse realiteit en kun je die inspiratiebronnen in je artistieke werk aanwijzen en benoemen
  • verbanden leggen tussen culturele en maatschappelijke uitingen en ontwikkelingen
  • je op de hoogte stellen van het werk en ideeën van vakgenoten en van kunstenaars uit andere disciplines en culturen en je daardoor laten inspireren
  • in je werk laten zien dat je constant bezig bent met je artistieke ontwikkeling en je eigen ontwikkeling als schrijver
  • je ontwikkeling organiseren; ben je actief met scholing en opleiding
  • je verhouden tot opdrachten en de omgeving waarin je functioneertmethodisch werken op een manier die bij je past (bijvoorbeeld in het doen van onderzoek voor het schrijven van een roman of het bijhouden van een literair blog).

 Bovenstaande competenties vormen een samenhangend geheel en zijn met elkaar verbonden.
 

 

 

 

 

 

Foto: Suzanne Ophof

 

Foto: Suzanne Ophof

 

Foto: Suzanne Ophof

 

 

 


Navigatie:


Opleidingskeuze:

> ArtEZ home